Wim van den Heuvel Blog

Eindelijk is er nu ook onderzoek dat aantoont wat iedere burger, die wilde luisteren, al wist: mensen in nood worden in Nederland dankzij de ‘participatiesamenleving’ (een concept zonder fundament, schreef ik in 2014, en een tautologie) in de steek gelaten. Het belangrijkste doel van de beleidsmakers, die dat concept door de koning lieten ‘introduceren’, was om zo snel mogelijk te stoppen met – vanwege het nieuwe concept plots onnodige – uitgaven van de verzorgingsstaat. In 2011 waarschuwde Helmut Schmidt in zijn Max Planck lezing voor het ondermijnen van de verzorgingsstaat. Dat zou het democratisch bestel in Europa in gevaar brengen. Toch koos de Nederlandse regering voor zo een gevaarlijk en kortzichtig beleid. De gevolgen zijn zichtbaar. De onvrede over het functioneren van het democratisch bestel neemt toe en inmiddels blijkt dat alleen de lasten – zonder oplossingen – anders zijn verdeeld. Voor beslissers en beleidsmakers, die zelf aan de ‘goede kant’ zitten, is dat geen ramp, voor vele burgers in nood wel. Maar dat ligt – zo menen de eersten – aan die burger zelf: die is niet zelfredzaam genoeg.

Een zelfredzaam mens redt het, per definitie: de zelfredzame mens laat het regelen. De zelfredzame krijgt hulp van alle kanten schreef Maxim Februari in februari 2018 in de NRC. Dat heet kwaliteit en service, wat een zelfredzame zich kan veroorloven. De niet-zelfredzame wordt ondervraagd aan de keukentafel – zo laten onderzoekers in september 2018 in de NRC weten – over zijn netwerk, want het is niet de bedoeling dat die niet-zelfredzame nog gaat aankloppen bij de overheid. Dat was de verzorginsstaat; nu is de ‘participatiesamenleving’. Daartoe werden ambtenaren getraind om te bewerkstelligen dat ‘het netwerk van de burger’ werd ingezet door de burger-in-nood zelf. Zoals iedere burger weet: mensen zijn bereid om elkaar te helpen en doen dat ook; toen en nu. Dat kan te veel worden en dan is ‘extra hulp’ (professionele ondersteuning en zorg) nodig. Daar is al decennia voldoende evidentie over door onderzoek. Deze kennis is bij de ontwikkeling van het concept ‘participatiesamenleving’ genegeerd. Dus is de burger in nood nu in nog meer nood. Desastreus voor veel hulpbehoevenden, ondanks het stille verzet van die hulpverleners, die het beroep hebben gekozen omdat ze willen helpen. Maar helpen werd niet meer ‘handen uit de mouwen’, maar ‘handen op de rug’ (uit de mouwen kost geld). Zo zit de burger in nood ook aan de keukentafel. Dat is lastig koffie drinken samen.

Het is enige decennia geleden, dat er een pleidooi is gehouden voor het afschudden van de ideologische veren in de politiek. Toch bleek ‘participatie’ een variant van een ‘oude’ (linkse en rechtse) emancipatie ideologie: niet de burger ondersteunen, laat de burger het zelf uitzoeken. Dienstverlening door de overheid was anti-emancipatoir, maakten mensen afhankelijk, niet-zelfredzaam. Dus leer de niet-zelfredzame burger hoe deze – zonder middelen – toch steun en hulp kan krijgen: mantelzorg, spreek je netwerk aan. En wat blijkt uit onderzoek – iets wat iedereen, die wil horen, zien en lezen, al lang weet – mantelzorg, het netwerk van een mens, kent grenzen. Zo een onderzoeksuitkomst is beleidsmakers onwelgevallig. De ‘zorgzame samenleving’ kwam er niet, dus nu eens proberen met de ‘participatiesamenleving’. Participatie, het is zo mooi: burgers hebben de overheid niet meer nodig; zij doen het zelf samen. En als zij dat (nog niet) kunnen, dan moet hen de weg gewezen worden: aan de keukentafel, dat is ‘als vanouds’, klinkt vertrouwd. Zo een aanpak leidt tot maatwerk, vertrouwen, voorkomen van problemen en lagere kosten zeiden de beleidsmakers, maar de onderzoekers hebben dat niet kunnen vinden, vertellen zij in de NRC.

Hoe te starten met participatie? De zelf-redzame beleidsmakers vonden de ‘keukentafel’ het ‘instrument’ dat mensen in nood moest aanspreken. Die hebben zelden een kookeiland met een keukenbar en een eetkamer. Ze zitten aan een keukentafel aardappelen te schillen en koffie te drinken, met een touwtje uit de brievenbus in de voordeur (ja, zij krijgen nog mensen aan de deur en post door de bus, want ze hebben geen netwerk).
Aan die keukentafel moest door de gemeente ambtenaar (want die moet eventueel betalen) de participatie-weg voor een oplossing van hun nood worden uitgetekend: het netwerk. Uw netwerk? We hebben nog geen computer. Nee, niet internet, uw netwerk, mensen die u kunnen helpen: buren, familie? Oh, de buren. Die hebben zelf hulp nodig en dat krijgen ze van hun dochter. Kinderen? Die wonen op 2 uur rijden, ze hebben zelf opgroeiende kinderen (en daar komt wat bij kijken tegenwoordig) en beiden een drukke baan.

Aan de keukentafel wordt het netwerk keurig uitgetekend – zonder ‘haalbaarheidstoets’ – en de niet-zelfredzame burger wordt veel succes en sterkte gewenst. Het probleem is opgelost en hoe: de beleidsmakers hebben een ‘participatiesamenleving’ gerealiseerd. De vraag ‘wat te doen met mensen in nood bij wie het water aan de lippen staat en die eigenlijk hulp en ondersteuning moeten krijgen, maar zich niet melden?’ was eenvoudig te beantwoorden: zij zijn nog zelfredzaam. Voor niet-mondige burgers is er geen loket!
Misschien is er nog een stapje nodig: een wettelijke regeling – misschien via een iniatiefwet van de oppositiepartij, die de ‘participatie-gedachte’ als regeringspartij omarmde en zeer tevreden was met het resultaat, zoals mij bleek uit gesprekken die ik met diverse wethouders mocht voeren – die in iedere woning een keukentafel verplicht stelt ter verankering van de ‘participatiesamenleving’. Stevige keukentafels als barricades ….

Leave a Reply


Required